Leven met
een pomp voor intrathecale toediening van geneesmiddelen
V. Hoe
weet ik of een implanteerbaar systeem voor intrathecale toediening van geneesmiddelen
bij mij werkt?
A. Uw arts voert een screening-onderzoek uit waardoor u het voordeel van intrathecale
toediening van geneesmiddelen kunt ervaren voordat u besluit of u de pomp operatief
wilt laten implanteren. De test voor intrathecale toediening van geneesmiddelen
kan poliklinisch worden uitgevoerd of u kunt kort in het ziekenhuis worden opgenomen.
Het testen kan op twee verschillende manieren worden uitgevoerd. U kunt een
enkele of een aantal injecties krijgen met een kleine hoeveelheid pijnmedicatie
in de intrathecale ruimte, of een continue toediening van pijnmedicatie die
wordt afgegeven in de intrathecale ruimte met behulp van een tijdelijke katheter
die is aangesloten op een externe pomp. Het is mogelijk dat u in het ziekenhuis
blijft of met de externe pomp een aantal dagen of weken naar huis gaat. Uw arts
voert ook een psychologische test uit. Aangezien bij chronische pijn zowel uw
geest als lichaam een rol spelen, is het zeer belangrijk te bepalen of er eventuele
psychologische aspecten van de pijn moeten worden behandeld.
V. Wat is het verschil in werking tussen intrathecale
medicatie en orale medicatie?
A. Intrathecale toediening van geneesmiddelen geschiedt rechtstreeks in het
ruggenmerg, waar pijnsignalen worden doorgegeven. Orale medicatie heeft daarentegen
een systemisch effect. Dit systemische effect wil zeggen dat deze middelen zich
door het gehele lichaam verspreiden in plaats van geconcentreerd in één gebied
te blijven. Dit veroorzaakt dikwijls bijwerkingen zoals slaperigheid en verwardheid;
dit is voor uw arts mogelijk een reden om geen grotere hoeveelheden orale pijnmedicatie
voor te schrijven.
V. Hoef ik met mijn pomp geen andere pijnmedicatie meer te gebruiken?
A. Uw arts bepaalt of u nog andere medicatie nodig hebt. Veel patiënten merken
dat intrathecale toediening van geneesmiddelen leidt tot een afname in het gebruik
van andere pijnmedicatie. Om eventuele negatieve bijwerkingen te voorkomen,
mag u uw huidige medicatie echter niet veranderen, tenzij uw arts dit aangeeft.
V. Wat zijn de risico's van intrathecale toediening van
geneesmiddelen?
A. Complicaties komen zelden voor en slechts bij een zeer klein aantal patiënten.
Aangezien de pomp operatief wordt ingebracht, zijn complicaties die verband
houden met de chirurgische ingreep zoals infecties, echter mogelijk. De katheter
kan verschuiven of geblokkeerd raken, of de pomp kan, in zeldzame gevallen,
stoppen met werken. Dit zou kunnen leiden tot een verminderde of ontbrekende
pijnverlichting; om dit te corrigeren kan een operatieve ingreep nodig zijn,
maar dit komt zeer zelden voor. Bespreek met uw arts de mogelijke bijwerkingen
van intrathecale toediening van geneesmiddelen.
V. Moet ik me zorgen maken om verslaving?
A. Geneesmiddelverslaving is uiterst zeldzaam en zeer onwaarschijnlijk dankzij
de wijze van afgifte en de lage concentraties afgegeven pijnmedicatie. Mensen
met pijn raken zelden verslaafd omdat ze hun pijnmedicatie gebruiken om pijn
te bestrijden en niet voor emotionele voldoening.
V. Heb ik last van de pomp en zien anderen er iets van?
A. De meeste mensen zeggen dat de pomp geen ongemak veroorzaakt of beperkingen
oplegt, en hun bewegingen niet beperkt. Het is onwaarschijnlijk dat de pomp
door uw kleding heen zichtbaar is.
V. Wat gebeurt er als er geen medicatie meer in mijn
pomp zit?
A. Als de medicatie in de pomp op is, komt de pijn terug en krijgt u mogelijk
last van ontwenningsverschijnselen. Uw arts kan u vertellen wanneer de pomp
leegraakt door tijdens uw vervolgcontroles met het programmeerapparaat de pomp
te controleren. Hij of zij maakt een afspraak met u om de pomp te vullen voordat
de medicatie opraakt. Voor het geval dat u deze afspraak voor het vullen vergeet,
is de pomp voorzien van een alarm om u te laten weten wanneer de medicatie opraakt.
Er klinkt een paar keer per minuut een zachte, hoge pieptoon. Het is belangrijk
de pomp te laten vullen voordat het alarm afgaat. Als het alarm afgaat, moet
u uw arts onmiddellijk bellen voor een afspraak om de pomp te laten vullen.
V. Hoe weet ik wanneer mijn pomp moet worden vervangen?
A. Uw arts kan de status van de batterij controleren wanneer hij of zij de pomp
met het programmeerapparaat controleert tijdens uw vervolgcontroles om de pomp
te laten vullen. Daarnaast heeft de batterij in de pomp een ingebouwd alarm
om u te laten weten wanneer de pomp vervangen moet worden. Er klinkt dan een
paar keer per minuut een zachte, hoge pieptoon. Als het alarm afgaat, moet u
onmiddellijk uw arts bellen.
V. Wat gebeurt er wanneer de pomp moet worden vervangen?
A. Uw arts zorgt dat de pomp wordt vervangen wanneer de levensduur van de batterij
bijna is verstreken.
V. Zal ik door de pomp niet meer kunnen reizen?
A. De pomp verhindert u niet te reizen, maar u moet wel zorgen dat
u afspraken maakt voor het vullen en deze ook nakomt. Als u gedurende langere
periodes ver van huis denkt te zijn, informeer dan uw ziekenhuis. Uw arts vertelt
u welke aanpassingen van de instellingen van de pomp eventueel nodig zijn en
coördineert samen met u de nodige zorg of de navullingen voor tijdens uw reis.
V. Heeft
vliegen invloed op mijn pomp?
A. Over het algemeen heeft het vliegen met commerciële luchtvaartmaatschappijen
geen invloed op de pomp. Neem echter wel contact op met uw arts voordat u lange
vluchten of vluchten in vliegtuigen zonder drukcabine gaat maken.
V. Kan ik warme baden en douches nemen?
A. Meestal heeft een heet bad, douche of sauna geen invloed op de werking van
de pomp. U moet echter wel met uw arts overleggen of u andere activiteiten mag
ondernemen die een grote invloed hebben op de temperatuur of druk van de pomp,
zoals diathermiebehandeling of diepzeeduiken.
V. Welke veiligheidsmaatregelen moet ik nemen met de
pomp?
A. U kunt veilig de meest gebruikte huishoudelijke apparaten bedienen als magnetrons,
televisies, radio's, afstands- bedieningen en videospellen. De pomp kan echter
wel worden beïnvloed door magneten. Daarom wordt geadviseerd geen magnetische
instrumenten te gebruiken. Een magnetisch veld zou, afhankelijk van de sterkte,
de pomp kunnen beïnvloeden. Daarnaast kunnen verschillende medische procedures
en apparatuur het functioneren van het systeem beïnvloeden. Dit zijn o.a. Magnetic
Resonance Imaging (MRI)-scanapparatuur, lithotripsie, bestralingsbehandelingen
en diathermie. Tijdens een MRI-scan zal de pomp stoppen met werken, maar na
de procedure zal ze weer normaal functioneren. Raadpleeg altijd uw arts voor
u eventuele aanvullende behandelingen of diagnostische onderzoeken ondergaat.
V. Zijn er speciale instructies voor patiënten die een pomp krijgen?
A. Vermijd lichamelijke activiteiten waarbij u risico loopt op letsel of een
klap op de plaats van de pomp. Het is belangrijk dat u volgens het schema naar
alle geplande vervolgcontroles komt.