Info regelgeving en voorzieningen
Bron: info regelgeving en voorziening van Ziekenzorg
CM
NUMMER 15 - Mei 2009
Graag bieden wij jullie de nieuwste en belangrijkste wijzigingen aan in de
regelgeving voor chronisch zieke mensen.
Deze soms droge en moeilijke informatie is vertaald in hopelijk toegankelijke
en vlot leesbare teksten.
Inhoudsopgave
- De maximumfactuur
- Nieuwe maatregelen rond gezondheidszorg
- Uitkeringen: overzicht wijzigingen 2008 - 2009
- Dienstencheques
- Arbeidsongeschikt? Vertrek niet zomaar op vakantie
- Forfait palliatieve zorg
- Recht op een verhoogde tegemoetkoming
- Het OMNIO-statuut
- 62% geneesmiddelen op internet is nep
- Werken in de sociale sector
- Chronische aandoeningen wereldwijd
- Onderzoek rond gezondheidskosten in België
- Geef langdurig zieken opslag!
- Verklaring bij opname in het ziekenhuis
1. De maximumfactuur
(MAF)
Wat is de Maximumfactuur (MAF)?
De MAF biedt elk gezin de garantie dat het niet meer moet uitgeven aan kosten
voor geneeskundige verzorging dan een bepaald maximumbedrag (plafond). Als je
medische kosten in de loop van het jaar dat maximumbedrag bereiken, krijg je de
overige medische kosten volledig terugbetaald.
Er bestaan 2 vormen van de maximumfactuur: de inkomens-MAF en de sociale MAF.
Welke kosten komen in aanmerking?
De volgende kosten komen in aanmerking:
- remgeld voor verstrekkingen van artsen, tandartsen, kinesitherapeuten,
verpleegkundigen en andere zorgverleners
- remgeld voor geneesmiddelen uit categorie A, B en C en voor magistrale
bereidingen (geneesmiddelen die de apotheker zelf maakt)
- remgeld voor technische prestaties (bijvoorbeeld operaties, röntgenfoto's,
labo-onderzoeken, technische testen)
- persoonlijk aandeel in de ligdagprijs in een algemeen ziekenhuis (volledig)
en in een psychiatrisch ziekenhuis (enkel de eerste 365 dagen)
- forfaitair persoonlijk aandeel voor geneesmiddelen tijdens hospitalisatie
- enterale voeding via sonde of stoma voor jongeren van minder dan 19 jaar
- endoscopisch en viscerosynthesemateriaal
- afleveringsmarges (supplement) voor implantaten
Supplementen komen dus niet in aanmerking voor de maximumfactuur.
Wat is de inkomens-MAF?
Dit is de maximumfactuur in functie van het gezinsinkomen. Het remgeld boven
een bepaald plafond wordt volledig terugbetaald. Dat plafond hangt af van het
netto belastbaar gezinsinkomen: hoe hoger het inkomen, hoe hoger het plafond.
Alle gezinnen kunnen in aanmerking komen voor de inkomens MAF. Het te bereiken
bedrag van de remgelden verschilt in functie van het netto jaarinkomen van het
gezin.
Voor het jaar 2009 zijn dit de geldende inkomensgrenzen:
- indien het inkomen tussen 0 en 16.114,10 EUR ligt moet het gezin 450 EUR
aan remgelden hebben betaald
- voor een inkomen tussen 16.114,11 en 24.772,41 EUR: 650 EUR
- voor een inkomen tussen 24.772,42 en 33.430,75 EUR: 1.000 EUR
- voor een inkomen tussen 33.430,76 en 41.728,30 EUR: 1.400 EUR
- voor een inkomen hoger dan 41.728,31: 1.800 EUR
Wat is een gezin? Alle personen die op hetzelfde officiële adres wonen,
vormen een gezin. Het maakt niet uit of u gehuwd bent of samenwonend. Ook alleenstaanden
worden beschouwd als een gezin. Voor de MAF geldt de situatie op 1 januari van
het betrokken jaar.
Daalt het inkomen van uw gezin aanzienlijk door langdurige werkloosheid of arbeidsongeschiktheid?
In dat geval kunt u aan uw ziekenfonds vragen om een verklaring op erewoord
in te vullen. Zo kan je ziekenfonds jouw dossier opnieuw bekijken en eventueel
het toegepaste plafond aanpassen.
Wat is de sociale MAF?
Binnen het gezin kunnen personen die recht hebben op een verhoogde tegemoetkoming,
hun partner en de personen ten laste genieten van een aanvullend recht op de
sociale MAF. Voor dat deel van het gezin is het plafond 450 EUR.
Om voor de leden van dit deel van het gezin recht te hebben op de sociale
MAF, moet dus aan twee voorwaarden zijn voldaan.
- (het deel van) het gezin moet daadwerkelijk 450 EUR aan remgelden hebben
betaald.
- (het deel van) het gezin moet ten minste een van de hieronder beoogde rechthebbenden
op de verhoogde verzekeringstegemoetkoming tellen:
- weduwnaars of weduwen, invaliden, gepensioneerden of wezen ("WIGW-statuut")
- rechthebbenden op het leefloon of op een soortgelijke OCMW-steun
- rechthebbenden op het gewaarborgd inkomen voor bejaarden of op de inkomensgarantie
voor ouderen
- werklozen ouder dan 50 jaar die sinds ten minste een jaar volledig werkloos
zijn
- personen van 65 jaar of ouder die bij hun ziekenfonds als "resident"
zijn ingeschreven
- personen die bij hun ziekenfonds als "mindervalide" gerechtigde
zijn ingeschreven op grond van een medische erkenning
- personen die een tegemoetkoming voor gehandicapten genieten, met uitzondering
van de rechthebbenden op een integratietegemoetkoming categorieën 3 tot
5, wier echtgenoot of partner een inkomen - hoe bescheiden ook - heeft
Jonger dan 19 jaar?
Voor kinderen jonger dan 19 jaar is er een extra bescherming. Het maximumbedrag
is altijd 650 EUR, ongeacht het gezinsinkomen. Het gaat hier om een individueel
recht.
Opmerkingen:
- voor kinderen die vóór 2 juli 2002 recht hadden op verhoogde
kinderbijslag is het maximumbedrag 450 EUR
- als het maximumbedrag van het gezin 450 EUR bedraagt, is dat bedrag uiteraard
van toepassing
Hoe en wanneer krijg je je geld terug?
Het ziekenfonds houdt jouw medische kosten bij. Als je medische kosten het
maximumbedrag van dat jaar overschrijden, betaalt het ziekenfonds ze automatisch
maandelijks terug.Je hoeft hiervoor dus zelf niets te doen. Bij de eerste uitbetaling
in het kader van de MAF ontvang je een attest.
Aanvullende informatie
Voor elke bijkomende inlichting kan je contact opnemen met
het ziekenfonds
of met de Directie juridische zaken en toegankelijkheid van de Dienst voor geneeskundige
verzorging van het RIZIV (02/739.78.46).
Top
2. Nieuwe maatregelen rond
gezondheidszorg
Betere terugbetaling in de verplichte verzekering:
In het kader van het programma "voorrang aan chronisch zieken" is
er een vermindering van het remgeld voor de kinesitherapeutische prestaties
bij de personen die behandeld worden voor een van de ziektebeelden die voorkomen
op de lijst van de "zware pathologieë"n (lijst E) en voor de
pathologieën F:
- Voor het normale terugbetalingspercentage in het kabinet van de
kinesist:
- 90% (in plaats van 86,1%) tussenkomst voor de rechthebbenden van de
voorkeurregeling
- 75% voor de gewone rechthebbenden (in plaats van 67,92%).
- Voor het buitengewone terugbetalingspercentage in het kabinet van
de kinesist:
- 92% (in plaats van 91,4%) tussenkomst voor de rechthebbenden van de
voorkeurregeling
- 80% voor de gewone rechthebbenden (in plaats van 78,2%).
Maximumfactuur:
Registratie in farmanet
In een eerste fase zal het gaan om een registratie van bepaalde D geneesmiddelen
(te beginnen met de pijnstillers). Vanaf juli 2009 zou de registratie mogelijk
zijn.Na de registratie zal beoordeeld worden of bepaalde D geneesmiddelen opgenomen
kunnen worden in de MAF teller.
Integratie van het antigriepvaccin in de MAF.
Integratie van zuurstof en radio-isotopen in de MAF.
Vereenvoudiging procedures voor terugbetaling geneesmiddelen
De ministerraad keurde een Ontwerp van Koninklijk Besluit goed tot wijziging
van het koninklijk besluit van 21 december 2001 tot vaststelling van de procedures,
termijnen en voorwaarden inzake de tegemoetkoming van de verplichte verzekering
voor geneeskundige verzorging en uitkeringen in de kosten van farmaceutische
specialiteiten. Dit KB definieert de procedures voor het verkrijgen van
de terugbetaling van geneesmiddelen waarvoor een voorafgaandelijke toestemming
door de adviserend geneesheer vereist is.
1) Automatische hernieuwing van de machtiging:
De geldigheid van de formulieren die de toelating tot terugbetaling geven zal
automatisch hernieuwd worden voor chronisch zieke mensen op het moment dat de
initiële periode waarvoor het geneesmiddel werd voorgeschreven door de
adviserende geneesheer verstrijkt. Chronisch zieke mensen worden per definitie
op lange termijn behandeld en zullen dus worden vrijgesteld van deze administratieve
formaliteiten en doktersbezoeken die vaak nutteloos en dus storend zijn.
Voorbeeld: de behandelingen (sartan, fibraten) van chronische cardio-vasculaire
aandoeningen of acetulcholinesterase-inhibitors voor de behandeling van Alzheimerpatiënten
2) Versoepeling van de regels voor de hernieuwing van voorschriften:
De machtiging voor de terugbetaling van geneesmiddelen die door de adviserend
geneesheer wordt afgeleverd zal worden uitgebreid. Deze toelating zal niet enkel
meer gelden voor het specifieke geneesmiddel dat werd gevraagd tijdens de eerste
aanvraag, maar zal ook gelden voor alle geneesmiddelen in hetzelfde therapeutische
veld. Hiertoe zal geen nieuwe specifieke aanvraag moeten worden ingediend. Deze
vereenvoudiging zal het mogelijk maken dat de behandelde arts van specialiteit
kan veranderen in geval van intolerantie vanwege de patiënt tav een bestanddeel
van het geneesmiddel dat eerst werd voorgeschreven. Of er kan worden overgestapt
naar een generisch product, of een goedkoper geneesmiddel dat later op de markt
zou komen.
Voorbeeld: behandeling met statine in het kader van familiale hypercolesterolemie.
3) Gestandaardiseerde aanvraagformulieren voor gegroepeerde aanvragen voor eenzelfde
reeks geneesmiddelen:
Er komt een nieuw gestandaardiseerd aanvraagformulier waarmee de behandelende
arts toelating kan bekomen voor terugbetaling. Dit formulier zal gelden voor
een reeks geneesmiddelen in hetzelfde therapeutische veld, zodat de arts geen
specifieke aanvraag moet indienen voor elk geneesmiddel dat zijn patiënt
nodig heeft. De inwerkingtreding is voorzien in juni 2009.
Voorbeeld: één formulier voor de geneesmiddelen bij de behandeling
van AIDS.
Prijsvermindering van de oude geneesmiddelen.
Halfjaarlijks worden de prijzen van geneesmiddelen herbekeken. Zoals elke 6
maanden komt er een prijsdaling
- met 14% van de geneesmiddelen die sedert meer dan 12 jaar terugbetaald
worden (vb.: MAXIPIME, PERFAN, IMITREX) en
- met 2,3% voor de geneesmiddelen van meer dan 15 jaar (vb.: AROPAX, KYTRIL,
MOTENS, SEROXAT).
Het remgeld voor de originele specialiteiten en de generieke specialiteiten vermindert
voor de patiënt
Top
3. Uitkeringen: Overzicht
2008 - 2009
In de loop van 2008 werd op 3 momenten een wijziging doorgevoerd.
Wijzigingen vanaf januari 2008
- Aanpassing aan de gezondheidsindex: indexering van de minimum- en maximumuitkeringen
- De uitkering voor invalide alleenstaanden verhoogt van 50% naar 53% van
het gederfde loon.
- Verhoging van de minimumuitkeringen voor gerechtigden die het statuut van
niet regelmatige werknemer hebben
Wijzigingen vanaf mei 2008
- Aanpassing aan de gezondheidsindex: indexering van de minimum-
en maximumuitkeringen
Wijzigingen vanaf juli 2008
- Verhoging van uitkeringen "minimum regelmatig werknemer"
voor gerechtigden met gezinslast en alleenstaanden.
- Verhoging van de forfaits met last en alleenstaande voor gerechtigden in
primaire ongeschiktheid en de invaliden die hun onderneming niet hebben stopgezet.
- Verhoging van de forfaits met last en alleenstaande voor de invaliden die
hun onderneming hebben stopgezet.
Wijzigingen vanaf september 2008
- Aanpassing aan de gezondheidsindex: indexering van de minimum-
en maximumuitkeringen
- Verhoging van de uitkeringen met 2% voor werknemers van wie de arbeidsongeschiktheid
is aangevangen in de periode van 1 september 1987 tot 31 augustus 1993 (ziekteduur
inbegrepen tussen 15 en 20 jaar). Niet van toepassing op de minima.
- Verhoging van de uitkeringen met 2% voor werknemers van wie de arbeidsongeschiktheid
is aangevangen in de periode van 1 september 2001 tot 31 augustus 2002 (ziekteduur
bereikt 6 jaar). Niet van toepassing op de minima.
Wijzigingen vanaf oktober 2008
- Verhoging van het toegelaten inkomen persoon ten laste dat het
recht geeft een uitkering als alleenstaande te ontvangen: Dit geldt nu voor
een partnerinkomen tussen 805.06 euro en 1387.49 euro.
- Verhoging van de forfaits voor personen met gezinslast en alleenstaande
voor zelfstandigen in primaire ongeschiktheid en de invaliden die hun onderneming
niet hebben stopgezet.
Wijzigingen vanaf januari 2009
- Voor die werknemers voor wie de primaire arbeidsongeschiktheid,
de moederschap of de invaliditeit ten vroegste begint op 1 januari 2009, wordt
de ZIV loongrens met 0,8% geherwaardeerd.
- De uitkering voor samenwonende werknemers verhoogt van 55% naar 60% van
het gederfde loon in primaire arbeidsongeschiktheid.
Wijzigingen vanaf 1 mei 2009
- De uitkering voor alleenstaande werknemers verhoogt van 53% naar
55%
Wijzigingen verwacht in de loop van 2009
- Vanaf 1 juni 2009:
- Verhoging van de minima regelmatig werknemer voor gerechtigden met
personen ten laste en alleenstaanden met 3%
- Verhoging van de minima niet regelmatig werknemer met 2%
- Vanaf 1 september 2009:
- Verhoging van de minima regelmatig werknemer voor samenwonenden met
2%.
- Welvaartsaanpassing met 0,8% voor alle gerechtigden waarvan de arbeids-ongeschiktheid
is ingegaan vóór 1-1-2008. Niet van toepassing op de minima.
- Welvaartsaanpassing met 2% voor alle gerechtigden waarvan de arbeidsongeschiktheid
is ingegaan vanaf 1-9-1993 tot en met. 31-12-2002. Niet van toepassing
op de minima.
- Welvaartsaanpassing met 2% voor alle gerechtigden waarvan de arbeidsongeschiktheid
is ingegaan vanaf 1-9-2002 tot en met 31-12-2003. Niet van toepassing
op de minima.
Top
4. Dienstencheques
Sedert aanslagjaar 2009 (inkomsten 2008) kunnen ook gebruikers met een laag inkomen
genieten van dit voordeel via een "terugbetaalbaar belastingkrediet".
De aanvraag tot terugbetaling gebeurt door indiening van de belastingaangifte
met toevoeging van het fiscaal attest.
Als u geen belastingbrief ontvangt, vraagt u die op eigen initiatief aan bij uw
lokaal belastingkantoor.
Meer informatie hierover kan u verkrijgen via het Contactcenter van de FOD Financiën
op het nummer 0257/257 57 (gewoon tarief).
Top
5. Arbeidsongeschikt? Vertrek
niet zomaar op vakantie
Bent u arbeidsongeschikt en gaat u met vakantie? Dan moet u vooraf contact
opnemen met de adviserend geneesheer van uw ziekenfonds.
- Ligt uw vakantiebestemming in België of een ander land van
de Europese Unie, volstaat het om dit vooraf te signaleren aan de adviserend
geneesheer.
- Ligt uw reisbestemming buiten de EU, moet u de adviserend geneesheer
tijdig de toestemming vragen om af te reizen.
Ook indien u om een andere reden (bv. omdat u elders herstelt) niet aanwezig
zal zijn op uw officiële adres, moet u steeds vooraf de adviserend
geneesheer verwittigen. Op die manier voorkomt u dat u een controleonderzoek
misloopt, wat kan leiden tot een onderbreking van de uitbetaling van
uw uitkeringen.
Top
6. Forfait palliatieve
zorgen
Het forfait voor palliatieve zorg is een tegemoetkoming in de kosten voor medicatie,
verzorgings- en hulpmiddelen die nodig zijn voor de thuisverzorging van palliatieve
patiënten. Het wordt voor één maand toegekend, met een mogelijke
verlening tot 2 maanden.
Op 1 maart 2009 werd het forfait voor palliatieve zorgen geherwaardeerd. Het
forfait bedraagt vanaf dan 589,31 euro.
Top
7. Recht op een verhoogde
tegemoetkoming
De verhoogde tegemoetkoming zorgt ervoor dat bepaalde categorieën van rechthebbenden
een lagere persoonlijke bijdrage (remgeld) betalen bij een ziekenhuisverblijf,
voor een raadpleging van een arts, voor geneesmiddelen, .... Een andere naam
voor verhoogde tegemoetkoming is "voorkeurregeling".
Wie komt in aanmerking voor een verhoogde tegemoetkoming?
Een verhoogde tegemoetkoming geldt voor de volgende categorieën van
rechthebbenden (met inbegrip van hun echtgenoot/levenspartner en hun personen
ten laste) voor zover hun inkomen een bepaalde grens niet overschrijdt:
- de wezen, invaliden, gepensioneerden en weduwen (zogenaamde WIGW)
- de gedurende minstens 1 jaar volledig werklozen ouder dan 50 jaar.
Een verhoogde tegemoetkoming geldt ook voor de volgende categorieën van rechthebbenden
(met inbegrip van hun echtgenoot/levenspartner en hun personen ten laste):
- gehandicapte kinderen met een lichamelijke of geestelijke ongeschiktheid
van tenminste 66 %
- rechthebbenden op het "leefloon" van het OCMW
- rechthebbenden op een gelijkaardige hulp van het OCMW
- personen die de inkomensgarantie voor bejaarden genieten
- rechthebbenden op één van de uitkeringen van gehandicapten
volgens de wet van 27-02-1987.
Wie de verhoogde tegemoetkoming al geniet, behoudt dat recht. Je moet dus NIET
naar uw ziekenfonds gaan om het OMNIO-statuut te vragen.
Inkomensgrens
Gezinnen met een bepaald maximum jaarlijks hebben recht op een verhoogde tegemoetkoming.
De bedragen zijn identiek voor de openbare en de particuliere sector ten gevolge
van de Wet van 2 januari 2001 houdende sociale bepalingen - nieuwe indexeringsmethode.
Voor 2008 ligt dit inkomen vast op 14339.94 euro per jaar, vermeerderd met 2654.7
per persoon ten laste.
jaren
|
Gerechtigden
|
Personen ten laste of samenwonende
partner
|
2008
|
14.339,94
|
2.654,70
|
2007
|
13.543,71
|
2.507,30
|
Ook meer kinderen met handicap krijgen verhoogde tegemoetkoming.
Tot eind 2007 kregen kinderen met een handicap van minstens 66 procent enkel recht
op de verhoogde tegemoetkoming als zij voldeden aan de voorwaarden van een inkomstenonderzoek.
Was het kind aangesloten als persoon ten laste, werd rekening gehouden met de
inkomsten van de ouders. Daardoor kon in de meeste gevallen het recht op de verhoogde
tegemoetkoming niet worden geopend. Aangezien sommige kinderen wel en andere geen
recht kregen op de verhoogde tegemoetkoming, ontstond een ongelijkheid. Voortaan kan
het recht op de verhoogde tegemoetkoming zonder inkomstenonderzoek worden toegekend
aan alle kinderen met een handicap van minstens 66 procent. De maatregel wordt
ingevoerd met terugwerkende kracht tot 1 januari 2008.
Indien het geneeskundig onderzoek uitwijst dat uw kind een handicap van minstens
66 procent heeft, brengt u uw ziekenfonds op de hoogte. Indien dat eerder al gebeurde,
hoeft u verder niets te doen om de verhoogde tegemoetkoming te verkrijgen. Voor
kinderen die al recht hadden op de verhoogde tegemoetkoming, zal er inzake terugbetaling
niets wijzigen.
Top
8. Het Omnio - statuut
In juli 2007 werd het systeem om recht te hebben op een verhoogde tegemoetkoming
uitgebreid aangevuld met het Omnio - statuut. Omnio vervangt de verhoogde tegemoetkoming
dus niet. Het is een nieuw statuut voor de gezinnen met laag inkomen die niet
voldoen aan de voorwaarden voor het verkrijgen van de verhoogde tegemoetkoming.
Het OMNIO-statuut geeft sindsdien recht op betere vergoeding van medische kosten
(arts, tandarts, kinesitherapeut, apotheker, hospitalisatie, ...) voor gezinnen
met een laag inkomen. De persoonlijke bijdrage (het remgeld) die een rechthebbende
voor die prestaties betaalt, is merkelijk lager.
Bij de invoering ging men er vanuit dat in België ongeveer 700.000 mensen
in aanmerking zouden kunnen komen voor dit statuut. Bij de invoering ervan bereikte
men maar een fractie van dit aantal. In juli 2008, een jaar na de invoering, kunnen
155.360 personen genieten van dit statuut.
In de onderstaande tabel vindt u per kwartaal de evolutie van het aantal rechthebbenden
op het Omnio-statuut.
Situatie op
|
01/07/2007
|
01/10/2007
|
01/01/2008
|
01/04/2008
|
01/07/2008
|
01/01/2009
|
Aantal rechthebbenden
|
47.169
|
91.671
|
112.419
|
147.508
|
155.360
|
187.987
|
Wat is het voordeel van het OMNIO-statuut ?
Als je het OMNIO-statuut krijgt, zal je minder uit eigen zak moeten betalen voor
de meeste medische verzorging.
Enkele voorbeelden:
- Minder betalen voor geneesmiddelen: Voor geneesmiddelen van bv.
categorie B zal u nog maar 15 procent i.p.v. van 25 procent remgeld moeten
betalen. Zo' n geneesmiddel kost u dan bv. nog maar 8,46 EUR i.p.v. 9,92 EUR.
- Minder betalen voor geneeskundige verstrekkingen. Voor een raadpleging
bij een geaccrediteerd (en geconventioneerd) huisarts die uw globaal medisch
dossier beheert, zal u nog 0,99 EUR uit eigen zak moeten betalen, i.p.v. 3,84
EUR.
- Betere bescherming tegen ziekenhuissupplementen: bij opname in een tweepersoonskamer
moet je geen kamersupplementen meer betalen.
OMNIO: voor wie?
OMNIO is bedoeld voor arbeiders, bedienden, zelfstandigen, werklozen, zieken,
… met een moeilijke financiële gezinssituatie.
Wat is een gezin? Wanneer één of meerdere personen officieel op
hetzelfde adres gedomicilieerd zijn, al dan niet met familieband, worden zij voor
het OMNIO-statuut aanzien als een gezin. Het is het gezin zoals het was samengesteld
en geregistreerd bij het rijksregister op 1 januari van het jaar van de aanvraag.
Met veranderingen in de loop van het jaar wordt dus geen rekening gehouden, tenzij
het gaat om een pasgeborene of een geadopteerd kind van minder dan 16 jaar.
Indien een gezinslid het gezin verlaat na 1 januari van het jaar van de aanvraag,
zal - op dezelfde wijze - toch nog met zijn/haar inkomsten rekening gehouden worden
bij de berekening van het gezinsinkomen.
Financiële situatie
De inkomsten die in aanmerking worden genomen zijn de bruto belastbare inkomens
(zoals vastgesteld in de reglementering betreffende de verhoogde tegemoetkoming)
van het voorgaande jaar. Voor een aanvraag in 2009 moeten de jaarlijkse bruto
belastbare inkomens van een alleenstaande of van het gezin, voor 2008, lager zijn
dan het grensbedrag (zie hieronder).
Grensbedragen
van inkomens - Bedragen in euros
|
Jaar van de aanvraag
|
Aanvrager
|
Bijkomende gezinsleden
|
2009
|
14.339,94
|
2.654,70
|
2008
|
13.543,71
|
2.507,30
|
2007
|
13.312,80
|
2.464,56
|
Dat bedrag verhoogt per gezinslid, ander dan de aanvrager. Elk jaar is er een
herziening van de gezinssituatie.
Voorbeeld U woont samen met uw dochter, haar vriend en een grootmoeder: Het
grensbedrag voor OMNIO is 22 304,04 EUR (14.339,94 EUR + 3 x 2 654,70 EUR)
Wie kan het OMNIO-statuut aanvragen?
Een gezinslid kan het OMNIO-statuut aanvragen bij zijn/haar ziekenfonds voor
het ganse gezin, zelfs als alle gezinsleden geen lid zijn van hetzelfde ziekenfonds.
Welke stappen moet u zetten om de OMNIO-voordelen te kunnen genieten?
Je vult een formulier "Verklaring op erewoord" in, dat bij uw ziekenfonds
beschikbaar is.Wat moet je doen?
- de bruto belastbare inkomens van het jaar vóór de
aanvraag van alle gezinsleden invullen
- het laten tekenen door alle gezinsleden (of hun wettelijke vertegenwoordiger)
- een kopie van het laatste aanslagbiljet (het document dat u krijgt van
de belastingen en dat aangeeft hoeveel u moet betalen of hoeveel u terugkrijgt)
bijvoegen
- andere inkomensbewijzen van alle gezinsleden (bv. loonfiche 281.10, maandelijkse
loonfiches, attest van de werkloosheidskas, enz.) bijvoegen
Over welke inkomsten gaat het? Het gaat om het bruto belastbaar gezinsinkomen,
zoals vastgesteld in de reglementering betreffende de verhoogde tegemoetkoming.Dat
betekent:
- beroepsinkomsten
- roerende en onroerende inkomsten (bv. het kadastraal inkomen van de gezinswoning)
- vervangingsinkomsten (bv. werkloosheidsvergoedingen, ziekte-uitkeringen,
....)
- alle andere Belgische of buitenlandse inkomsten.
De beroepsinkomsten van de kinderen van minder dan 25 jaar (bv. vakantiejobs)
komen niet in aanmerking voor de berekening van het gezinsinkomen indien je
het bewijs levert dat ze nog kinderbijslag genieten voor het jaar die de indiening
van de aanvraag (verklaring op erewoord) voorafgaat.
Heb je de nodige bewijsdocumenten nog niet? Bij gebrek hieraan moeten de stukken
betrekking hebben op het maandelijks bedrag van de inkomsten van alle gezinsleden
tijdens de laatste 6 maanden van het referentiejaar. Voor een aanvraag ingediend
in 2009 is dat dus van juli tot december 2008 (toewijzings- of overschrijvingsstrookjes,
loonfiches, ...).
Het ingevulde document en alle bijlagen moet je aan uw ziekenfonds bezorgen.
Vanaf wanneer kunt u de OMNIO-voordelen genieten?
Als u aan de voorwaarden voldoet, kent het ziekenfonds u het OMNIO-statuut toe
vanaf de eerste dag van het kwartaal dat volgt op de indiening van uw volledige
dossier.
Wat als uw werkelijke inkomsten hoger zijn dan wat je hebt aangegeven bij
het ziekenfonds?
Als de werkelijke inkomsten nog onder het drempelbedrag van OMNIO liggen, verandert
er niets.Als de inkomsten hoger zijn dan het drempelbedrag en je het OMNIO-statuut
dus ten onrechte hebt gekregen, moet je terugbetalen wat je onterecht hebt ontvangen.
Je zal dus het verschil tussen de normale tegemoetkoming voor de medische kosten
en de hogere tegemoetkoming van het OMNIO-statuut, moeten terugbetalen aan uw
ziekenfonds.
Vervangt OMNIO de verhoogde tegemoetkoming?
OMNIO vervangt de verhoogde tegemoetkoming NIET. Het is een nieuw statuut voor
de gezinnen met laag inkomen die niet voldoen aan de voorwaarden voor het verkrijgen
van de verhoogde tegemoetkoming.
Het OMNIO-statuut geeft wel aan degenen die het krijgen, dezelfde rechten op
verhoogde tegemoetkoming van medische verzorging (dus lager remgeld) als bij
de verhoogde tegemoetkoming.
Top
9. 62% geneesmiddelen op
internet is nep
Volgens het rapport The Counterfeiting Superhighway van de European Alliance
for Access to Safe Medicines (EAASM) is er 62 procent kans dat een online gekocht
geneesmiddel nep is of niet voldoet aan de voorschriften. Terwijl 38 procent
van de ontvangen geneesmiddelen echt was, bleek dat 16 procent daarvan illegaal
ingevoerd werd vanuit niet-EU-landen. Eén op drie van de medicijnen had
geen bijsluiter.
Enkele opmerkelijke bevindingen van het onderzoek:
- 96 % van de onderzochte internetapotheken heeft geen vergunning.
- 94 % van de websites heeft geen apotheker in dienst van wie de gegevens
na te trekken zijn.
- Ruim 90 %rocent van de websites verkoopt geneesmiddelen op voorschrift,
zonder om een voorschrift te vragen.
- 86 % van de online 'goedgekeurd door een apotheek'-stempels is nep.
Door de snelle opkomst van illegale internetapotheken stijgt het risico dat patiënten
in aanraking komen met nepgeneesmiddelen. Onervaren, nietsvermoedende consumenten
zijn heel kwetsbaar voor de mogelijk fatale gevolgen wanneer ze online geneesmiddelen
kopen.
Top
10. Werken in de Social
Profit
De Vlaamse social-profitsector omvat 320.000 banen. De grootste subsectoren en
hun afgeronde cijfers zijn:
- Ziekenhuizen: 90.000
- Andere gezondheidsdiensten: 20.000
- Rusthuizen: 50.000
- Opvang personen met een handicap: 20.000
- Kinderopvang: 15.000
- Andere welzijnsdiensten: 20.000
- Sport: 10.000
- Cultuur: 30.000 (waaronder socio-culturele sector 15.000; bibliotheken
6.000; kunst 2.500; film, tv, radio 2.500, enz.)
- Beschutte en sociale werkplaatsen: 20.000
Top
11. Chronische aandoeningen
wereldwijd
De wereldgezondheidsorganisatie (WHO) onderzocht welke chronische, niet dodelijke
aandoeningen de wereld teisteren. Uit hun onderzoek blijkt dat depressie de kwaal
is die wereldwijd het meest ziek maakt.
Angina (4.5%) en artritis (4.1%) komen het meest voor, gevolgd door astma (3.3%),
depressie / zenuwinzinking (3.2%) en diabetes (2%). De deelnemers gaven ook weer
hoe zij hun levenskwaliteit scoren. Hierbij ligt de levenskwaliteit van mensen
met een depressie of zenuwinzinking beduidend lager.
Top
12. Onderzoek rond kosten
gezondheidszorg
De Christelijke mutualiteit startte, in samenwerking met ziekenzorg cm en Okra
een onderzoek naar de gezondheidskosten in België. De bedoeling van dit onderzoek
is om na te gaan hoeveel mensen zelf dienen te betalen voor hun gezondheidszorgen.
Dit onderzoek wordt niet beperkt tot terugbetaalde kosten (zoals dokter, specialist,
medicatie, ziekenhuisopname, onderzoeken) maar probeert ook een beeld te vormen
van de niet terugbetaalde kosten (zoals niet-terugbetaalde medicatie, vervoerskosten,
hulpmiddelen, hulpverlening aan huis …). Bovendien willen we nagaan in
welke gevallen deze gezondheidskosten zodanig hoog oplopen dat het moeilijk wordt
om rond te komen. We willen nagaan hoe mensen met hoge kosten voor hun gezondheid
geholpen kunnen worden.
De fase van dataverzameling is achter de rug. De eerste resultaten van het onderzoek
worden verwacht voor de zomer van 2009.
Top
13. Geef langdurig zieken
opslag!
In België ontvangen 235 000 mensen een invaliditeitsuitkering omdat ze door
hun gezondheids-toestand niet meer kunnen werken. Een kwart van hen zijn gezinshoofd
en moeten dus een gezin onderhouden. Ruim 108 000 kinderen leven in een gezin
van een invalide. De Christelijke Mutualiteit (CM) en Ziekenzorg CM vragen aan
de federale overheid om langdurig zieke mensen een bestaanszeker inkomen te waarborgen.
Na een jaar arbeidsongeschiktheid bedraagt de minimumuitkering voor een gezinshoofd
1 219 euro per maand. Dat is 150 euro onder de armoedegrens. Maar liefst 38 procent
van alle invaliden met gezinslast moet het daarmee rooien. Invaliden hebben net
als gepensioneerden en werklozen recht op een vervangingsinkomen. Zij bevinden
zich echter in een specifieke situatie. In tegenstelling tot werklozen zijn zij
niet arbeidsgeschikt en kunnen zij vaak niet worden geactiveerd. Zij hebben een
kortere loopbaan dan gepensioneerden en hebben geen kans om een aanvullend pensioen
op te bouwen. Naast de dagelijkse kosten voor levensonderhoud heeft een invalide
medische en niet-medische kosten die zwaar op het budget wegen, zeker als hij
een gezin ten laste heeft.
De federale overheid heeft de jongste jaren inspanningen gedaan om de minimumuitkeringen
voor invaliden op te trekken, maar al die maatregelen blijken onvoldoende om alle
invaliden een menswaardig inkomen te waarborgen. Daarom formuleren CM en Ziekenzorg
CM drie duidelijke eisen.
CM en Ziekenzorg CM eisen:
- een verhoging van de minimumuitkering voor invalide gezinshoofden met 150
euro per maand. Dat vergt een budget van 33 miljoen euro.
- een vakantiegeld van 250 euro voor invaliden. De gepensioneerden krijgen
dat nu al en de overheid heeft het de invaliden jarenlang beloofd zonder gevolg.
Het vakantiegeld voor invaliden zou 59 miljoen euro kosten.
- een verhoogde kinderbijslag voor invaliden met 100 euro per kind en per
maand. Ruim 108 000 kinderen leven in een gezin met een invalide persoon.
Voor hen is een extra financiële inspanning nodig. De kostprijs van deze
maatregel wordt geschat op 78 miljoen euro.
Om deze kracht bij te zetten organiseren wij een petitieactie. Hoe kan je de actie
steunen?
- Zet je handtekening via het website formulier op www.cm.be
- Download een petitieformulier en laat dit rondgaan in je kennissenkring.
Top
14. Verklaring bij opname
in het ziekenhuis
Door een nieuw koninklijk besluit zullen ziekenhuispatiënten beter ingelicht
worden bij hun opname over de kosten die ze kunnen verwachten. Naast de traditionele
opnameverklaring, al verplicht sinds 2004, krijgt de patiënt nu ook een verklarend
document. Dat helpt de patiënt om de in te vullen opnameverklaring beter
te begrijpen. Alle patiënten krijgen bovendien bij hun opname een prijslijst
van de meest gevraagde niet-medische goederen en diensten. En ouders die bij hun
opgenomen kind blijven, krijgen daarbovenop een afzonderlijk document waarop ze
aanduiden of het kind al dan niet tegen verbintenissentarief wordt opgenomen.
Patiënten moeten niet langer zelf naar de prijslijst van de niet-medische
goederen en diensten vragen. Voortaan krijgen ze uiterlijk bij het begin van hun
opname een exemplaar. Het ziekenhuis bepaalt zelf het model, maar de minimuminhoud
is wel gereglementeerd. De lijst vermeldt op zijn minst de prijs van volgende
goederen en diensten, uiteraard alleen als het ziekenhuis ze aanbiedt:
- kamercomfort: de prijs voor telefoon, ijskast, tv en internetaansluiting;
- eten en drinken: de prijs voor bijkomende maaltijden, tussendoortjes, snacks
en basisdranken;
- de prijs voor het wassen van persoonlijk wasgoed;
- hygiëne: de prijs voor basistoiletproducten (zeep, tandpasta...) en
basistoiletgerief (kam, tandenborstel...);
- de begeleider: de prijs voor zijn kamer of zijn bed, zijn maaltijden en
zijn basisdranken;
- diversen: de prijs voor veel gevraagde goederen (bv. oordopjes, papflessen,
kleine bureaubenodigdheden...) en diensten (bv. kapper, pedicure...).
Werkt het ziekenhuis met een forfait, dan moet het specificeren welke goederen
en diensten daaronder vallen.
In de nationale overeenkomst tussen ziekenhuizen en ziekenfondsen was overeengekomen
dat ziekenhuizen deze prijslijst al vanaf 1 september 2007 automatisch bij de
opname moesten afgeven. Het bleef echter wachten op een regeringsinitiatief.
Dat is er nu, waardoor de verplichting uiteindelijk op 1 mei 2009 zal ingaan.
De ziekenhuizen moeten nieuwe opnameverklaringen gebruiken. Er zijn nog steeds
drie modellen: een voor de klassieke opname, een voor daghospitalisatie, en
een voor opname in een psychiatrisch ziekenhuis. De grote lijnen van de nieuwe
modellen blijven grotendeels dezelfde. Toch zijn er enkele nieuwigheden:
- op de opnameverklaring staat voortaan een barcode van het ziekenhuis.
Op die manier zal het ziekenhuis het document elektronisch kunnen archiveren;
- het overzicht van de financiële voorwaarden is eenvoudiger en overzichtelijker
gemaakt. Bij de klassieke opname bijvoorbeeld zijn er drie delen: de wettelijke
persoonlijke aandelen (ongeacht het kamertype) met daarbij een drieledige
opsplitsing (eerste dag, vanaf de tweede dag en vanaf de 91ste dag), de kamersupplementen
per dag, en de honorariumsupplementen
De opnameverklaring wijst de patiënt er nu ook uitdrukkelijk op dat de vermelde
bedragen in de loop van zijn verblijf van rechtswege kunnen geïndexeerd worden.
Ze herinnert de patiënt er ook aan dat de tarieven beduidend hoger kunnen
zijn wanneer de opname niet gedekt is door de ziekteverzekering.
Samen met de opnameverklaring krijgt de patiënt voortaan ook een verklarend
document. In dat document geeft het ziekenhuis meer uitleg bij de opnameverklaring
over de volgende onderwerpen:
- de verzekerbaarheidssituatie van de patiënt,
- de opnameduur,
- het kamertype dat men kan kiezen,
- de arts die men kan kiezen en
- de kosten van gevraagde producten en diensten.
Het verklarend document sluit af met een overzicht van de gevallen waar de patiënt
kamer-supplementen en honorariumsupplementen kan verwachten.
Er zijn twee modellen van verklarende documenten: eentje voor klassieke opname
en daghospitalisatie, en eentje voor opname in psychiatrische ziekenhuizen.
Top
Bron: info
regelgeving en voorziening van Ziekenzorg
CM
Info regelgeving & voorzieningen: april 2009 - Ziekenzorg CM